Suzuki-les in Zuid Afrika

Suzuki-les in Zuid Afrika, zomer 2010 ( voor wie tijd heeft en het naadje van de kous wil weten,,,,)

Bij aankomst op de zeer opgeknapte luchthaven Johannesburg, die duidelijk inmiddels berekend is op duizenden reizigers per uur, werden we overal herinnerd aan de net afgelopen wereldkampioenschappen voetbal. Kleurige posters, lichten in de vorm van grote voetballen en standjes waar Zuid Afrikaners poogden de restanten van de wedstrijden alsnog aan de man te brengen (vuvuzelas, T-shirts met namen van beroemde voetballers, petjes, doeken, handdoeken en wat al niet meer). Ook waren er informanten die Engels spraken en te herkennen waren aan een grote I op hun groene jas. De luchthaven weerspiegelde de Zuid-Afrikaanse kleuren op de marmeren vloer en ook langs de wanden.

We werden welkom geheten door Anne, het hoofd van de SASA, de South African Suzuki Association. Omdat haar huis al vol zat met leraren van de docentencursus om erkend Suzuki-leraar te worden, werden we ondergebracht bij een familie met een 6 jarige 3e jaars Suzuki leerling. Het werd een lange zoektocht naar het huis: via moderne, goed verlichte en brede snelwegen naar andere grote, minder goed verlichte wegen waar links en rechts kriskras auto’s voor ons overstaken terwijl wij toch rond de 100 km per uur reden, soms zelfs harder. Achteraf bleken er wel op het asfalt stopstrepen te staan, maar het waren toch reine kamikaze rijders naar ons idee….

De informatie die inmiddels non-stop via de telefoon verstrekt werd leidde ons langs diverse ommuurde woonwijken die allen voorzien bleken van een zeer degelijke toegang: slagboom of stevig hek met stenen huisjes waarin een aantal guards de wacht hielden. Als je er (veilig!) woonde, kon je op een automaat een code intikken en mocht je zonder meer doorrijden. Als je bezoeker was, moest je een bezoekerscode hebben en werd er alsnog even doorgebeld of het in orde was, alvorens de slagboom zich voor je opende en je naar binnen mocht. Daarna begon dan nog een flinke rit via ettelijke rotonden waar steeds wegen elkaar kruisten; we waren beland in een wijk met namen van Engelse steden of beroemde plekken. Het doel was Piccadilly 5, een weg die de hoofdstraat kruiste, maar alvorens we daar aankwamen hebben we heeeeel veel andere straten met heeeeeeeele grote huizen en hele grote tuinen gezien. Een soort villa wijk zonder winkels. Die bevonden zich niet ver van de uitgang of ingang, op een kruising van een viertal van dit soort moderne wijken ( estates) met zeer riante huizen. De tuinen en zelfs de grasvelden in de parken binnen de omheining werden allemaal automatisch besproeid zodat het er overal fris uitzag. Een heel verschil met het arme en niet georganiseerde Mozambique!

Het huis was door de bewoner zelf gebouwd in twee jaar. het was zo hoog als ons huis in de Riouwstraat en zo breed als het onze PLUS onze beide buurhuizen, maar dan was het een lege ruimte met alleen een begane grond en een entresol over het halve huis, waar alle kamers en gastverblijven en de badkamer was. Beneden was ook een gastenkamer met toilet en douche en ook nog een L-vormige uitbouw waar de speelkamer was voor de drie kinderen. We kregen een lams-stew en Malva pudding aangeboden, waarvan we onmiddellijk het recept vroegen. Dat houden jullie nog te goed…

Salomon bleek aan het goede adres te zijn voor info over hoe je tijdens ons verblijf van 10 dagen in het kamp netwerk voor onze laptops zou kunnen krijgen. Met een klein apparaatje dat je in je Laptop steekt en via een moeizaam te verkrijgen aantal data minuten ( je moet kunnen aantonen dat je een inwoner van zuid Afrika bent, een ID tonen en een recente bankafschrijving of zoiets, en dat kon alleen door hulp van de echtgenoot van de juf Betsie die in het weeshuis werkte)

 

Enfin, de volgende ochtend werden we naar het kamp Lake Altelekker vervoerd. Het laatste stuk ging over een dirt road die ons zeer aan Mozambique deed denken. Nadat we de wachters overtuigd hadden dat we voor het vioolkamp kwamen mochten we door. Het is een gezellig jeugdkamp waar elke nacht een andere grote groep jongeren of kinderen overnachtte. Die waren op schoolreisje, hadden bijvoorbeeld net een goudmijn gezien. Het is een complex van authentiek gebouwde Afrikaanse hutten met een strooien puntdak dat vaak extra lang door gaat naar de grond en zo extra bescherming zal bieden tegen de ongenadige zomerzon in december – wat een ander soort kerst zal het dan zijn !- wanneer het met gemak 44 graden wordt… De muren zijn van grote stukken steen en het hele kamp rust op een cementen vloer waar om de paar centimeter grote en kleine stukken kleurig marmer in gebed zijn. Het wordt constant onderhouden; de blaadjes die in deze winter vallen en ook de grote takachtige bladeren die de bomen nu spontaan laten vallen worden snel aan geharkt. Langs de paden is het overal prachtig groen en we lijken ons in een bos met grasvelden te bevinden. Links en rechts zoeven auto’s op de snelwegen. De afstanden naar alle andere gebouwtjes zijn minimaal. Er is een klein zwembad maar het water bleek veel te koud.

In de hutten zijn twee of drie stapelbedden en, afgescheiden door een douche gordijn, een WC en wastafel en een douche, met binnen drie tellen heet water. Er is geen handdoek of zeep, wel een spuitbus en die bleek wel nodig, want opnieuw sloeg de diaree toe bij iedereen. Het eten is afwisselend worst bij het ontbijt, worst bij de lunch en worst bij het avondeten. De salade standaard Grieks met tomaat, sla, komkommer en feta. Soms is er, tot ontzetting van Godelieve, een voorgesmeerd en belegd broodje hamburger of hotdag, en tijdens de lerarenopleiding van de meest zwarte Afrikaanse leraren was er ook fruit. Bij het ontbijt is er rice crispys of Bran/cornflkes en een ei-boterham ( niet echt een wentelteefje) of scrambled eggs. En die worst natuurlijk! We zijn er denk ik veel langer dan andere groepen, bij wie dit eten vanzelfsprekend een hit is….

 

Kingdoms Life Children Centre

 Omdat de kinderen van het weeshuis Kingdoms Life Children Centre overdag van half 8 tot half 2 naar school gaan, deden wij in de ochtend mee met de leraren opleiding. De verste leerlingen zijn hier, na 8 jaar Suzuki-training van de juffen, bij Bach dubbel concert beland.

De eerste dag had juf Betsie verlof gekregen om ’s middags met ons mee te gaan. Onderweg haalden we haar 17-jarige dochter Joy op van school, die maar al te graag mee ging naar “hun/haar” kinderen in het weeshuis. Zoals elke school in Zuid Afrika en Mozambique dragen alle leerlingen een uniform, en ik moet zeggen: dat heeft toch wel iets. Iedereen gelijk. Rijk en arm.

Joy helpt haar moeder met lesgeven en gaat binnenkort met kinderen van buiten het weeshuis beginnen, want de vioollessen staan goed bekend. Momenteel zijn er al drie kinderen van een squatters familie die helemaal meedraaien.

We (twee viooljuffen met elke een dochter van 17 die vioolles geeft plus Salomon van 15) reden er in ruim een uur naar toe, en werden inderdaad wel bekeken: vijf blanken in deze pikzwarte wijk. We hebben ons geen moment onveilig gevoeld overigens…! We waren al gewaarschuwd door de 65-jarige moeder des huizes, Sylvia, dat die middag misschien anders dan gewoonlijk zou kunnen verlopen, want er was net een bezoek door Social Development aangekondigd, die kwamen inspecteren of alles wel volgens de (Zuid Afrikaanse) regels plaatsvond. Toen wij arriveerden troffen we een reeks van zwarte ambtenaren aan die na elkaar speechten en benadrukten dat alle kinderen God dankbaar moesten zijn voor zoveel goedheid. Toen het de beurt van de kinderen was voerden ze, bekleed met lappen tijgerstof, onder leiding van een van de oudere meisjes, die Djembe speelden, een Afrikaanse dans uit. Heel kundig gooiden de groteren hun benen 180 graden in de lucht, en de kleintjes deden manmoedige pogingen hen te imiteren, wat wel eens tot gelach van de grote kinderen in het publiek leidde.

En o.. daar waren de violen met juf Betsie gearriveerd! Kinderen moeten eerst een viool verdienen, en tot dat moment – er zijn heel wilde kinderen bij die net in het weeshuis geland zijn – vervoert de juf de 12 violen. Er zijn ruim dertig weeshuiskinderen die vioolles hebben, Ik vroeg om een piano ( mij was verteld dat er eentje was, gelukkig, want het lijkt me lastig lesgeven ZONDER piano…) en nadat die binnen gehobbeld was over de grind/cementvloer uit de kleine eetzaal vol tafels met plastic kleedjes, over de grote binnenplaats, ontstond spontaan een Suzuki -concert, waar Godelieve tegenstemmen speelde. Toch wel iets unieks van de Suzuki-methode: zonder enige vorm van repetitie kom je uit een heel ander deel van de wereld en breng je met elkaar een concert ten gehore! Links en rechts van Godelieve begonnen grote jongens van 15 en 17 al aflezend van haar vingers OOK de tegenstem te spelen. Social development viel compleet in katzwijn vanwege zoiets schier onmogelijks: kinderen die allemaal een zo moeilijk instrument bleken te kunnen bespelen en dat het dan bovendien nog zo uitstekend klonk! Geen gekras, maar heuse muziek! Enfin, de lezer kent het wel, voor ons en de rest van de Suzuki-wereld is dat immers gewoon….

Nu, het weeshuis staat daarmee ineens wel op de kaart. Er was ook nog heftig geverfd en gewassen en alles zag er uit om door een ringetje te halen!

De social development dames hadden, vanwege Nelson Mandela-dag, 22 juli, ook nog cadeautjes bij zich, die omzichtig getoond werden en waarvan de kinderen toch vooral veel moesten leren. En ze moesten er heel dankbaar en blij mee zijn! Na hun vertrek, ruim een uur later, kon ik voor het eerst met de kinderen aan het werk.

Het was een groep zeer leergierige kinderen van 5 tot 17 jaar. De versten hadden net Humoresque geleerd, er waren ook een 14- en 16-jarige jongen die er pas twee weken waren en ons de oren van het hoofd vroegen om, te midden van de voorbereidingen voor notenlezen – want dat was mij door Betsie gevraagd, omdat niemand nog noten kon lezen …- even privéles te geven. In twee minuten leerde hij Song of the wind, liep weg om het nog 3 keer te oefenen en was toen klaar voor het volgende liedje.

Maar eerst wilde ik toch beginnen met noten lezen! Ze bleken nog nooit van the Sound of Music gehoord te hebben en helaas was er geen DVD-Speler in het huis. Wel een TV, die af en toe aan mocht. Na de zonnebloem en het met een kleine 30 kinderen op de binnenplaats LOPEN van het muzikale alfabet heen en terug, gingen we over op het leren van de Oekraïense dans, die mijn leerlingen geleerd hadden van herr Schäfer, en toen ze dat in no-time bleken op te pikken, naar de Kerry polka. Daarna moesten we al weer weg, maar dinsdag was er weer een dag en ik zou hen immers elke dag de hele middag lesgeven.

Om half zes wordt het al donker en moesten we eigenlijk uit de township, een enorme wijk met wel merendeels stenen huisjes, zijn.

De tweede dag zouden we worden opgehaald door de dochter van Sylvia. Maar in de loop van de ochtend kwam er een telefoontje dat het niet doorging: de auto was die nacht gestolen er er was geen ander vervoer mogelijk. We opperden: een taxi? Grote schrik op het gezicht van juf Betsie: nee, nee, een taxi met blanken kon die wijk niet in! Er zou trouwens geen taxichauffeur van buiten zijn die daar de weg wist. Terwijl het toch allemaal duidelijk met straat namen op grote borden stond. En zelf mochten we ook niet. Ik had trouwens mijn rijbewijs niet bij me.

Enfin, noodgedwongen die hele dag als teacher trainee doorgebracht en weer nieuwe ideeën voor mijn eigen leerlingen opgedaan.

Woensdag werden we uit arre moede door juf Betsie, die wederom een stuk teacher training van boek 6 en 7 miste, afgeleverd en door haar man opgehaald en naar het kampement Lake Altelekker terug gebracht. Onderweg stopten we nog even bij een superSpar om Afrikaanse beschuit in te slaan: met anijs, met muesli, met gecondenseerde melk en volkoren. En flessen water.

We werden met een dikke omhelzing hartelijk verwelkomd door moeder Sylvia, aan wie ik een koffer vol cadeautjes-voor-iedereen die moeilijk aan slechts een kind te geven waren gaf: tafeltennis set met vele extra pingpongballetjes, een oranje voetbal, kralen voor alle meisjes, ganzenbord, mens erger je niet en dat soort spelletjes. Plus een grote tas met cadeaus voor haar alleen. Grote vreugde. Ook over de grote koffers die bij haar mochten blijven. We waren met 7 koffers waaronder een plunjezak met 4 violen, en met iedereen een viool over de schouder het vliegtuig in, afgereisd en aangezien je per extra koffer 55 euro moest betalen aan de KLM wilden we slechts met 3 koffers terug! Daar kon mooi alle zwart/witte kleding voor het concert in, die moeder Sylvia met grote inspanning trots bij elkaar gescharreld had, zodat haar kinderen niet onderdeden voor de blanke kinderen van de rijkere blanke ouders!!

Die middag deelden we de grote zaal met ijverige strijkende en naaiende vrouwen die ook nog bloemen schikten en gordijnen drapeerden om ons heen in verband met een kerkelijke bijeenkomst in de zaal, misschien wel de enige grotere ruimte in de buurt? De stoelen waren al aan de kant en dus deelde ik aan de op de stenen zittende kinderen 20 zelfgeknipte kaartjes uit ( met dank aan Salomon die uiteindelijk een snij-apparaat aan de praat kreeg en velletje voor velletje repen papier sneed).

Met de tong uit de mond poogden alle kinderen die lastige noten, zonder hulp van ouders, op de piepkleine papiertjes te krijgen. Daarna zouden ze met dropjes, kokindjes, aan de gang gaan en snappen hoe het notenschrift in elkaar zat, met de tussen-de- lijn- noten en de door-de-lijn-noten, en de hoge en lage noten met de zelfde naam. Maar dat liep even anders: toen ik hen vroeg achter het papier met de grote notenbalk op de grond te gaan zitten en ik de dropjes wilde uitdelen stond iedereen op en strekte minstens 3 of 4 handen uit, hetgeen ik eerst niet door had. Maar toen ik ineens anijs en droplucht om me heen rook, besefte ik dat de dropjes niet bewaard KONDEN blijven in een situatie waar er geen snoep IS. Zelfs toen ik speelde dat ik boos was kwam er geen verandering. Of toch wel: smekende kinderen: “ma‘am (madame) MA’M: PLEASE give me another one!!”

Tja, nee dus, er waren er simpelweg niet meer genoeg voor iedereen. Door naar het volgende onderdeel: als jullie de goede notennamen invullen, krijgen jullie een oranje BEESIE, waarvan Albert Heyn er 15 miljoen liet maken. Nou, toen had ik het helemáál gezegd….! Zonder de juiste voorbereiding bleek het veel te moeilijk. En vulde men aanvankelijk lukraak een ABCDEFof G in. Toen ik hen corrigeerde en een aantal van de grote kinderen het toch door bleken te hebben en ik de eerste oranje Beesies uit kon delen, werd er om het hardst gespiekt teneinde maar zo’n beestje te kunnen verdienen/bemachtigen. Met de meegenomen potloden met gum er aan om überhaupt iets te kunnen invullen was het al niet anders gegaan: die waren ook verdwenen toen ik die avond mijn boeltje weer bij elkaar wilde pakken. Neem ze het eens kwalijk, deze leergierige echt lieve kinderen, die er wel keurig gekleed uitzien, maar opgroeien zonder iets extra’s ….. ( toen ik er de volgende keer iets over zei, en dat het wel voor hen bedoeld was maar pas NA mijn vertrek, en dan nog om in hun kist te houden, kwamen bijna alle potloden en pennen weer keurig terug,,, )

De middag erna werden we door een ander familielid van Sylvia, een stevige neger, opgehaald. Hij bereed een oud wit taxibusje, het misschien wel meeste gebruikte vervoermiddel in dit continent. 0veral zagen we witte 12- persoons busjes, die op verzoek stoppen en je voor huis afleveren. Met zeker 20 of 30 mensen er in. Er werd constant door mensen die langs de weg stonden of zaten gebaard naar onze chauffeur. Hij reed stug door. Op mijn vraag wat ze nou eigenlijk wilden, al die mensen, verklaarde hij ons dat als ze hun vinger opstaken alsof ze naar de WC wilden, ze naar Attridgevile (“onze” wijk) wilden. Deden ze hun hand met drie vingers naar links achteren dan was het Laudium, en met de vingers naar voren, naar Olifantsfontein. Een zeer efficiënte gebarentaal! Hij nam niemand anders mee omdat hij hen dan thuis zou moeten brengen. Het zou iemand overigens 10 rand, iets meer dan een euro, kosten, om zo vervoerd te worden. Idee voor Nederland?? Even een gebarentaal voor langs de weg ontwikkelen…. ( later bleek er een soortgelijke taal in Johannesburg te bestaan, we zagen er zelfs bij de kassa van een boekhandel een kleine gids van. En in Mozambique had ik ook al overal mensen zien gebaren , zelfs naar onze tjokvolle auto…. En nu begrepen we het pas…!)

Die middag bleken we helemaal niet in de hal te kunnen, omdat die gewit werd met een enorme chemische stinkverf. Wederom dames in de weer met strijken, dit keer van tafellakens, en nog meer prachtige bloemen. Er was namelijk een speciale mannenbijeenkomst. Dus namen we wederom onze toevlucht tot het kleine eetzaaltje, waar de kinderen net van school thuis kwam. Alle schoolgaande kinderen in Zuid-Afrika zijn te herkennen aan de kleur uniform dat ze dragen. Alle uniformen (rood, groen of blauw, afhankelijk van welke school de kinderen bezochten) werden bij thuiskomst razendsnel verwisseld met normalere kleren en nadat ze even iets te eten gepakt hadden verdwenen ze weer uit de ruimte. Ik vroeg diverse keren of kinderen elkaar wilden roepen, en later of iemand Sylvia wilde halen, maar er gebeurde niet veel. Hooguit weer een paar kinderen die er een minuut bleven en dan weer verdwenen. En hoe moet je nu 27 kinderen leren noten lezen als ze er niet zijn?

Gelukkig had ik dat keer een enorme voorraad plastic scubidoo draadjes bij me, en Godelieve begon een paar kinderen al voorbegonnen producten te leren afmaken. In een mum van tijd zat de kamer vol met kinderen met behendige vingertjes die razendsnel leerden hoe het moest en vervolgens zelf met eigen gekozen kleuren aan de slag wilden..

Toen er een fiks aantal kinderen was riep ik dat ze nu allemaal naar buiten moesten en gaf hen een blad met Engelse teksten die ik die nacht gemaakt had om de lacunes te vullen die gevallen waren door het debakel met de kokindjes.. Door de belofte van een cadeautje kwamen ineens de meeste kinderen weer te voorschijn en gingen aan de slag. De belofte van een oranje beesie stond ook nog steeds en er werd hard gewerkt. Godelieve ving de laatkomers vanwege langere schooldagen van 15 en 16/17 jaar op en legde hen uit wat de bedoeling was, en Salomon ging ook rond om te leren notenlezen. We werden pas om half 7 opgehaald dus konden we toch nog veel gedaan krijgen.

De laatste middag dat we in het weeshuis zelf zouden lesgeven , vrijdag, werden we wederom door het taxibusje opgehaald. Dit keer ging ook Elizabeth mee, een Creools meisje van 19 die met een beurs naar deze training was gestuurd teneinde in haar woonplaats op Mauritius het vioolonderwijs, op Suzuki leest geschoeid, op poten te zetten. We hadden wel nog 5 leraren kunnen meebrengen, want elke kind wilde eigenlijk aandacht van een juf alleen.

Bij aankomst bleek er een bus met een tiental mensen van de universiteit van Zuid-Afrika te zijn en ons werd meegedeeld dat er donaties zou worden gegeven, en dat dit 2 tot 5 minuten zou duren. We hadden er alle begrip voor! Wat fijn voor het weeshuis! De kinderen moesten op de binnenplaats ( er was die avond weer een happening in de grote hal en er werd wederom door vele vrouwen bloemen geschikt en ik weet niet wat gestreken..) in een kring gaan staan. De ene na de andere spreker/ster vertelde in het Engels of een voor ons onverstaanbare taal (geen Afrikaans, want als dat langzaam gaat verstaan we het wel en soms ook als het snel gaat) dat de kinderen heel dankbaar moesten zijn niet alleen voor de cadeautjes die ze weldra zouden ontvangen, maar vooral voor de liefde van God, die altijd voor hen zou zorgen. Er werd diverse keren een gebed uitgesproken. Wij stonden op een paar meter afstand. Op een gegeven moment, toen ik net een kind dat langs kwam aan het uitleggen was waar de hoge G zat, werd ons te kennen geven dat we ook mee op de knieën moesten om te danken voor zoveel barmhartigheid. Ze bleken van de universiteit te komen en ter gelegenheid van de Nelson Mandela-dag iets voor deze wezen te willen doen. Er werd gevraagd wie later dokter wilde worden. Aarzelend ging een hand omhoog en vastberaden die van een 5 jarig meisje. Nou, dan moesten die maar heel goed hun best doen, en dan zou de Unisa ( Universiteit van South Africa) hen later kansen geven. !

Na 5 kwartier vertrok de bus vol tevreden studenten/leraren. Snel aan de slag dus met het nu spelen van de op het bord (dat overigens hard toe was aan een lik bordverf!) geschreven noten. Maar ziedaar: daar rolde een kleurige bus vol geüniformeerde tieners de binnenplaats op. Dit keer werden kleine tasjes in neon- en zilverkleuren met zeep en tandpasta gebracht door de 10e klassers van Midland School die hun charity project opdracht vervulden en de woonstede van een paar klasgenoten hadden uitgekozen. Inderdaad liepen een achttal van onze kinderen ook nog steeds in hun bordeauxrode uniform rond. Er was een blanke biologie juf met een enorme lens op haar fototoestel en ook een aantal andere fotografen. Waar ene Theresa was? Dan konden ze hun giften bij haar afleveren. Therese bleek onvindbaar, dus werd alles op de binnenplaats gezet.(Kleurige papieren tasjes met voornamelijk tandpasta en tandenborstel en zeep. Gelukkig net de dingen die ik niet had in mijn tas voor elke kind, en ik was blij dat ik besloten had die niet mee te nemen naar het weeshuis, maar het in het kamp te geven…) Ze zouden wel wachten. Tja, spijtig dat ik niet echt kon lesgeven. Sorry, maar Theresa moest dit toch echt persoonlijk in ontvangst nemen.

Ik besloot hen te vergasten op een Suzuki-concert en zette vol goede moed Mississippi hotdog in. En ja hoor, overal vandaan kwamen “mijn” leerlingen… De tweede stem die door Godelieve gespeeld werd werd vrijwel onmiddellijk door een paar grote jongens meegespeeld en.. onthouden J Klik klik klik gingen de camera’s. Na nog een paar nummers (grote ogen bij de tieners dat hun klasgenoten dit presteerden) vertelde ik dat we nu gingen notenlezen van het bord. Na een regel zag ik onze geüniformeerde violisten arm in arm staan met hun vriendinnen/charity gevers, verdwenen er ineens overal violen en gingen een aantal Suzuki-leerlingen in alle hoeken van het plein en vooral ACHter de bus en naast het kippenhok (met een 20-tal kippen zodat vrijwel elke drie dagen iedereen een eitjes kon eten) zelf vioolles te geven aan hun klasgenoten. Probeer dan maar eens door te gaan, bij zoveel eigen initiatief..

Enfin, dan maar de cadeautjes in de strijd gooien. En ja hoor, ineens werd er weer, dit keer op mijn dringende opdracht VER uit elkaar te gaan zitten, gewerkt aan een Nederlandse woorden noten tekst. Er werd toch weer, achter de bus, gespiekt bij het leven, maar omdat we om 5 uur echt weg moesten ivm met een kerkdienst-met-diner van de straatarme chauffeur stonden we onder tijdsdruk. Dit keer ordelijk- ik begon het te leren- werden cadeautjes gekozen: het nieuwe schrift of de pen was favoriet! Ook de haar-tattoos en haarelastiekjes, terwijl elk meisje vrijwel kaalgeschoren (heel modieus hier) rondloopt.

Gelukkig kreeg ik op zaterdag de meeste kinderen in mijn klas in de workshop en kon ik nog eens dunnetjes overdoen met de kleine nieuwe blanke en mijn zwarte kinderen wat ik me voorgenomen had, dit keer ZONDER dat ze weg konden vliegen.

Deze workshop vindt plaats zonder ouders. Alle kinderen, van 6 tot 18 werden door hun ouders afgeleverd en onder onze hoede achtergelaten. Ook de 27 kinderen van het weeshuis. De kinderen slapen in slaapzalen van 22 kinderen op 11 stapelbedden, jongens bij jongens, meisjes bij meisjes. De eerste les is om 8 uur, de laatste om 19.30 . Er zijn ACHT lessen per dag. ( wie durft nu nog te klagen over de Pinksterworkshop met slechts ZES lessen tussen 9 en 18 uur?!).

Tijdens de die avond ijlings door mij georganiseerde bioscoopvoorstelling in een van de ruimtes in het kamp ( een ouder bracht een televisie, een andere een DVD speler en een lieve moeder die haar kind die avond zou ophalen besteedde een groot deel van de dag om de door mij voorgestelde films de Sound of Music en Music of the heart,( Meryll Streep) te bemachtigen). We konden dus met de weeshuiskinderen en ook nog een enkel blasé blank kind dat meldde dat het de film al 1500 keer gezien had, genieten van de Sound of Music, waar Maria de 7 kinderen von Trapp het Doe, a deer a female deer leert, wat ik die ochtend en al eerder in het weeshuis gebruikt had.

Midden op de eerste van de drie kampdagen ( iedereen kan ook maandag want dan is het vrouwendag en heeft iedereen vrij!!) deelde ik aan elk kind dat het kamp bezocht een plastic tas uit met daarin een nieuwe grote tas, bijvoorbeeld zoals de Postbank/ING die uitdeelden bij storting van 500 euro op je spaarrekening. Ook had ik alle tassen en rugtassen die ik in ons eigen huis vond meegenomen en die kwamen goed van pas. Voor elk kind was er iets aan kleren, een extra T-shirt of vest, sokken of een sjaal, zonnebril en een op de 5 mei markt gekocht sporttas , een petje, twee schriften, potloden, kleurpotloden van Stabilo of Zeeman, pennen, een paar nieuwe spelletjes of stempelmarkers, stickers, voor de kleine kinderen een knuffel, voor de grote kinderen een toiletset ( van de eerste klas reizigers bij luchtvaartmaatschappijen, kon ik ook kopen op 5 mei) en voor ieder kind ook iets anders. Een goed gevulde tas dus, meer dan in een schoenendoos had gekund…

Grote vreugde! Omdat ik zei dat ze niemand hoefden te bedanken omdat het, plus 9 violen, van de ouders van Suzuki-leerlingen en een enkele gulle gever ( speelgoedwinkeltje in Leidschendam) kwam, deden ze dat ook niet massaal. Omdat we de DVDs niet konden afkijken zal ik van het laatste geld een DVD speler kopen en die aan het weeshuis overhandigen op het slotconcert dat dankzij ons nu een internationale status heeft gekregen.

We verheugen ons trouwens zeer op normaal tweelaags wc-papier, en gewoon eten. De Franse/Zwitserse/Canadese leraren van de Suzuki training grapten al onderling dat ze droomden van het voedsel in het vliegtuig en op de vraag “pasta of kip?” gretig zullen antwoorden “BEIDE”! Ook wij verheugen ons op een middagje shoppen in een heus shoppingcenter met Sofia en moeder Astrid, morgen…. Gaan we ook weer iets gewoons eten!

Toen we onze zwarte chauffeur vroegen waar hij het liefst zou willen wonen antwoordde hij zonder aarzelen: in Attridgeville! Op de vraag waarom niet ergens anders, vertelde hij dat het zo veilig was in Attridgeville, waar hij opgegroeid was en nog steeds woonde bij zijn ouders: er was geen roverij of crime en je kon gewoon over straat, en bovendien woonde zijn moeder er. Was hij met zijn 36 jaren dan niet getrouwd? Brede glimlach: nee want dan moest hij zijn vrouw en kinderen ook onderhouden en banen waren erg moeilijk te bemachtigen. En hij moest toch voor zijn ouders zorgen?! Ook nu al, en toen hij jonger was, als hij dan de keuken inliep en zijn moeder aan de afwas zag, dan zei hij: ga jij maar lekker even zitten, dan doe ik deze klus wel even voor je. Want moeder had hem en zijn broers toch het leven gegeven., en dat moest je eren! En God danken voor wat het leven je bracht. En ook dus naar de kerk. Er waren er verscheidene in de township, meest katholiek. Terwijl we in het donker om 6 uur naar ons kamp gereden werden zagen we overal houtvuurtjes in stalletjes langs de weg, waar vlees geroosterd werd. En verkocht aan een schier oneindige stoet mensen die net per trein van hun werk buiten de township terug kwamen. Het leek of er huisjes met een kleine airconditioning waren, maar later vernamen wij dat dit waarschijnlijk elektriciteitsautomaten waren, waar de bewoners geld in konden stoppen op het moment dat ze stroom wilden.

Op elke grote kruising staat wel een groepje straatverkopers met ofwel een lange plastic zak met een twintigtal sinaasappels voor 10 rand ( een dikke euro), ofwel petjes of zonnebrillen. We vragen ons af of ze ooit iets verkopen? Ook staan er mensen te bedelen. Kijk daar waren twee Zimbabwanen. He? Hoe kon je dat nou zien? Wel, er was er een blind en in Zimbabwe betekende dat je dood, en hier mocht je bedelen. Inderdaad had een van de twee mannen een grote witte staf in zijn hand en geatrofieerde, gesloten ogen. Onze chauffeur had van zijn moeder eten meegekregen en spontaan stopte hij bij een bedelaar en gaf hem de helft van zijn eten. Kende hij deze makker misschien? Nee, maar als je zelf te eten had en je zag iemand die honger had, dan gaf je die toch wat? Voor ons had hij aardbeien meegenomen. We waren uitgedroogd en hadden reuze trek na een lange middag. Toen ik hem geld gaf bleek hij het de volgende dag aan Sylvia gegeven te hebben en ging het bedrag van benzine en vervoer van de weeshuis kinderen naar het kamp en zijn diensten dus omlaag. Hij liet ons ook nog het centrum van Pretoria zien toen hij merkte dat we oprecht geïnteresseerd waren, en stopte voor een paar grote dinosaurussen die open en bloot op het grasveld (wel op het omhekte terrein) van het museum stonden. Natuurlijk maakten we ook foto’s van hem en zijn oude bus waarvan veel niet werkte, en waardoor wij nooit wisten hoe hard hij reed ( hard! )

Er zijn hier dus gewoon shoppingcentres, net zoals we in Amerika bezochten. Veel blanken en natuurlijk ook rijke zwarte mensen. Maar vooral veel zwart personeel. Het rare is dat ik na het werken met de kinderen in het weeshuis, waar een enorme diversiteit aan stammen(?) of volkeren was, nu steeds meen de kinderen tegen te komen als we winkelen. Snap niet helemaal hoe dat zit, of zou het net zo zijn als we tot nu toe Chinezen van Indianen onderscheiden?

De verhouding blank/zwart is, op een populatie van 49 miljoen mensen plus 4 ½ miljoen illegalen uit de andere Afrikaanse landen- voor wie bij ziekenhuisopname wel zorg verleend wordt, maar die niets aan steun krijgen voor voeding of behuizing-  slechts 4 miljoen blanken. De blanke minderheid van 7 % had het hier tot de afschaffing van de apartheid in 1994 voor het zeggen. Ook zijn er nog kleurlingen: mensen uit India en China , die momenteel ook als zwart behandeld worden. Het verschil is dat de meeste blanken werk hebben en de meeste zwarte mensen niet. Wie zo gelukkig is om een baantje als MAID te bemachtigen, krijgt 18 euro per dag ( die begint om 6.30 uur en eindigt rond 17 uur) of per twee dagen, dat werd niet helemaal duidelijk. En dat is heel goed betaald. Een werkster werkt hier op haar eigen (langzame) tempo en vertrekt niet voor het hele huis gebezemd, gelapt en opgeruimd is. En de was verzameld, in een grote teil voorgeweekt, daarna in de wasmachine gedaan, opgehangen en zelfs, nog half nat, gestreken!

We zagen een paar films over Nelson Mandela ( Goodbye Bafana en Invictus) en kregen zo een beetje beeld van de voorgeschiedenis van dit land.

Het is hier overigens echt heeel koud. Johannesburg ligt op 1500 tot 2000 meter, net zo hoog als waar mensen graag skiën in Zwitserland. Overdag is het heel lekker in het zonnetje, maar tot een uur of 10 en na 17 uur is het echt bibberen!. Het verschil met Nederland is dat als het bij ons zo koud is wij (voorzorgs-) maatregelen kunnen treffen. We hebben geïsoleerde ramen terwijl hier de gure wind zo door de dunne venstertjes lijkt te waaien. Wij hebben kachels, of zelfs centrale verwarming, terwijl men hier voor die paar koude maanden een verrijdbare gaskachel heeft met een grote gasfles erin (en die was eergister leeg en er is kennelijk geen nieuwe) of een oeroud elektrisch kacheltje, en ook een mini verrijdbare radiator, die veel te klein is om de grote (les) kamer, waarin wij slapen, te verwarmen. Dus zitten we met kleumende handen om een beker thee ons op te warmen, gekleed in alle warme kleren die we bij ons hebben, tot en met mijn sjaal en grijze herfst/voorjaarsjas. Het doet me denken aan het grote herenhuis van mijn grootouders dat, als laatste van een rij, de oostenwind opving en waar ik als kind rende door de gang naar de enige kamer waar gezellig een kachel snorde, waar je dan de hele dag omheen bleef zitten. Wee je gebeente (letterlijk!) als je naar de WC moest, waar ook altijd een raampje openstond: de houten bril voelde koud aan en je wist niet hoe gauw je je weer moest opwarmen in de kamer! De dochter des huizes hier haalt haar dekbed van haar kamer en nestelt zich in een grote fauteuil, maar wij wilden ons bed niet ontmantelen en moesten het dus bekopen met versteende ledematen. Maar de film was geweldig! . Enfin, dan maar onder de douche ( Godelieve) en in bad (ik) maar daar stond ook weer een raampje open en het was boven het water echt ijskoud! En omdat ik de sluiting niet snapte kon ik het raampje niet dichtdoen…In bed was het binnen een paar minuten gelukkig weer heerlijk warm, vanochtend bleek er echter een raam open te hebben gestaan, dus dat arme kleine kacheltje heeft voor niets zijn best staan doen vannacht… Het is duidelijk dat hier vooral rekening gehouden wordt met de hete zomermaanden in december

(Kerst bij 42 graden, ja gezellig!) tot februari. Ook de tijdschriften staan nog steeds (augustus nummer) vol met mooie winterkleding!

Men staat hier om 5 of 6 uur op. Om 6 uur wordt het licht. 12 uur later is het al weer donker. En om half 8 voelt het als of het half 11 is. Rond 9 uur verdwijnt iedereen naar zijn kamer. Heel ander ritme! De werkster belt om stipt 06.30 aan. De heer des huizes vertrekt om half 6 met een half uur te rijden naar zijn werk en komt 13 ½ uur later weer thuis. Zuid-Afrikaners ( de blanke dan !) staan er om bekend dat het harde werkers zijn, die overal in de wereld welkom zijn. De donkere Afrikaners werken juist heeel traag. Tijd is voor hen duidelijk geen geld! Wat een raar concept eigenlijk, toch?

Op donderdag bezochten we een oude goudmijn. Wij mochten tot niveau/laag 5, 250 meter onder de grond, en er waren wel 78 lagen (geweest, nu staat het tot laag 18 onder water) en als de goudprijs weer omhoog gaat kan de mijn weer heropend worden…. Wij kregen een mijnwerkershelm op en dat was maar goed ook, want anders had ik vol gaten in mijn hoofd weer naar boven gekomen: je stootte je er regelmatig. Wat een leven hebben die mijnwerkers gehad… toch hebben later velen van hen verklaard er de gelukkigste tijd van hun leven te hebben gehad… !? Er zijn rond Johannesburg uitgestrekte heuvels of rechte bergen neergezet die lichtgeel van kleur zijn. Dat is het afval van de goudmijnen. De kleur komt vanwege de Cyanide, waardoor het goud uit de steen loslaat.

Sinds 27 april 1994 is er een democratie. Nelson Mandela was de eerste president. We hebben in het Apartheidsmuseum een tentoonstelling over zijn leven gezien en voor jullie twee boeken gekocht die je voor of na de les even kunt inkijken. Niet tijdens de les natuurlijk!

Een van de dingen die Mandela vroeg en bereikte is dat er goede behuizing en werk voor elke Afrikaan ongeacht ras moet komen. Dat staat nu in de grondwet. Alleen: dat komt in het gedrang met de voor de Worldcup gedane uitgaven. Op het stuk land naast Anne kan bij voorbeeld niet gebouwd worden totdat het hele elektriciteitsnet in die wijk volledig vernieuwd zal zijn. En er is totaal geen zicht op wanneer dat kan.. Logisch dat nu het volk weer gaat morren, nu de schijnwerpers niet langer gericht zijn op Zuid Afrika… Er is ook enorm veel geld geïnvesteerd in een snelle trein naar de luchthaven, een enorme vooruitgang, want er is een grote file in die richting elke dag.

En over werk: BEE: black economic empowerment, even vergeten wat dat ook al weer was, maar het was wel belangrijk. O ja: in elke fabriek en organisatie moet de Afrikaanse staat weerspiegeld zij. Dit betekent dat er dus 80% zwarte mensen moeten werken. Slecht nieuws voor onze gastheer: een blanke vijftiger…. Die zou men het liefst vervangen door een zwarte VROUW. Benieuwd hoe lang het duurt tot men daar doorkrijgt dat men eigenlijk niet zonder de expertise en werkervaring van deze mensen kan…

En om te gaan studeren moeten de witte kinderen van 18 hogere cijfers op hun eindlijst halen dan kinderen van de zwarte scholen. Klinkt me een beetje onrechtvaardig in de oren, of is het omgekeerde discriminatie?

 

INDRUKKEN VANUIT DE BEROEMDSTE TOWNSHIP: SOWETO

De laatste dag voor ons vertrek bezochten we SOWETO: South WEst-TOownships waar een dikke 4 miljoen mensen leven, dus net zoveel als er blanken zijn in Zuid Afrika. Eerst kregen we de woonhuizen van de rijkste zwarte bevolkingsgroep te zien; ook hier hekken ter beveiliging en privacy.

Als ik in hun schoenen zou staan zou ik naar een andere wijk verhuizen, want direct om deze huizen heen stonden weliswaar ook stenen huizen met riolering en stroom en water, maar enkele meters verder stonden barakken waar noch stroom noch water ( ja: buiten, een eindje wandelen) en dus ook geen verwarming was. Wel waren er overal schoorsteentjes, waar hout verbrand wordt om op te koken en ter verwarming. Als wij in een stenen huis met muren en ramen al bibberen, hoe zal het hier dan wel niet zijn? De kinderen, die de hoop voor een betere toekomst zijn, gaan naar een van de 127 high schools, alleen moet je daar wel een uniform voor hebben. We zagen een foto van een uitdeling van een overhemd in de juiste kleur en sokken. Op de een of andere manier moeten de ouders of familie ( want naar een weeshuis of bejaardenhuis gaat niemand als er nog maar ergens een familielid leeft!) toch nog een grijze of gekleurde rok/broek en wintertrui en schoenen zien te versieren..en dat terwijl er alleen geld van de regering komt ( 22 euro per maand) voor een kind van een legale dus erkende Afrikaanse familie… 70 % van de bewoners van Soweto kan niet over stroom beschikken. Sommigen hebben een prepaid kastje en als er een muntje in het kastje gedaan wordt is er weer even stroom. Het grootste ziekenhuis ter wereld bevindt zich hier in Soweto en je kunt je aan van alles laten behandelen behalve hartoperaties. Ik herinner me ineens hoe ik als tiner onder de indruk was van de eerste harttransplantatie van dr Barnard, een Zuid Afrikaanse hartspecialist. Kennelijk in een ander ziekenhuis dus…

Er is hier een enorme werkeloosheid: 60 tot 70% van de volwassenen boven de 18 jaar heeft geen werk. Met de touroperator Peter, die ons 1 ½ dag tegen een flinke betaling rondreed naar de plekken van onze keuze, bezochten we – en dat is uniek!- een squatterscamp in Kliptown (zie foto) , het armste van het armste: geen riolering, en alleen illegale stroom, in een huisje half zo groot als de leskamer in de Riouwstraat, waarin een tweepersoonsbed stond voor de 3 dames des huizes (de 8 grote jongens slapen op de grond met te weinig dekens…), een enorme moderne ijskast, een televisie twee stoelen, een kleine tafel als aanrecht en een grote, ouderwetse houtkachel waar op gekookt werd. De TV en ijskast deden het al 7 dagen niet, want de illegale stroom was ineens opgehouden.

Soweto: 16th June 1976On June 1976 in Johannesburg, South Africa thousands of students and adults marched in protest that their education would have to be in Afrikaans, rather than English. At one point police opened fire into a march of students and in the events that followed 566 people lost their lives(many figures have been given from about 90 (SA police figures) to over 500 people killed). The Archive has, of course, no film from 1976, but there are many news items from throughout the century about the events leading up to apartheid in South Africa.Apartheid, which literally means “apart-hood” in Afrikaans, was a system of racial segregation that was enforced in South Africa from 1948 to 1991.

The South African Government decided to enforce Afrikaans as the language of education which caused widespread concern and led to peaceful protests. On 16th June older school students from two schools set out to join up with those from a third, Orlando High. It was at this point that they were confronted by armed South African police. They began singing and then tear gas and bullets were fired by the police.

 

Vanwege het contact dat onze Peter opbouwde door er regelmatig met zijn klanten heen te gaan, kregen we op onze tour ook het beste bier ter wereld aangeboden, en mochten in het café aanschuiven: een met golfplaten en spiraalbedden afgezette ruimte van 2 bij 3 meter voor een hutje. Er worden doorgaans alleen mannen toegelaten, uit respect voor de privacy voor de man. (!?) We kregen fluks kranten aangereikt die we voor onze voeten moesten leggen en waarop we vervolgens moesten knielen om de kalebas vol schuimend vocht in ontvangst te nemen. De gids van het kamp, Thulani, deed voor hoe het moest: aan je lippen zetten en drinken. Het smaakte naar zeer bittere alcohol – Godelieve die wel eens eerder bier gedronken had vond het echt niets met bier te maken hebben.

Vervolgens werden we langs een houten hutje geleid waar net eten opgedaan werd voor alle, in een speciaal naschools programma voor 350 kinderen, betrokken personen. De leiders ervan hebben zelf de 12e klas hebben gehaald en dus een schooldiploma op zak, maar toen ze hun neus buiten Soweto staken, merkten ze dat hun leeftijdsgenoten het hadden over studeren en een PH.D (promoveren). Om andere kinderen meer kansen te geven helpen ze hen nu met huiswerk maken en organiseren. Er is een bibliotheek ( we gaan hen Engels boeken voor de leeftijd 4 tot 40 sturen als we thuis zijn !) en een ontbijt voordat de kinderen op weg naar school gaan om half 7 en als ze thuis komen rond half 3. Leiders en kinderen eten hetzelfde om de eenheid te benadrukken: het zou toch raar zijn als zij wel een groter of beter/gevarieerder bord eten zouden hebben? Dit keer was elk plastic bord gevuld met een flinke portie rijst met een gele saus en een stukje snoek. Het werd met graagte opgegeten!

Ook was er door een spaarbank een echt klein klaslokaal gedoneerd met bankje en stoelen. Daar zaten nu oma’s te haken aan spreien. Ook zij kregen (ander) eten. Ze waren net aan het opruimen om plaats te maken voor de thuiskomende kinderen, die dan hier huiswerk hulp krijgen van de leiders. In een ander soort (eveneens door een bedrijf gedoneerd) lokaal stond een kastje met gewonnen bekers, een tafel en stoel, en foto’s langs de houten wanden en kranten artikeltjes over het programma. Er werd snel een computer gehaald die met de hand opgeladen kan worden ( we hadden er in Nederland in de krant over gelezen, een geweldige vinding! ) en er was door een rijker iemand uit Soweto voor 5 jaar een wireless ontvangst in heel Soweto (of alleen in dit deel?) gesponsord.

Ergens anders was een kraan waar een aantal vrouwen met ( net zoals ik me van mijn moeder herinner) borstel de was stonden te doen. Overal hing was te drogen, blinkend schoon. Ergens zagen we een paar jonge blanke, bij navraag Duitse meisjes zitten eten( er waren dus nog meer blanken in Soweto! J) ; die waren er een half jaar om zich met de hygiëne bezig te houden. Er was nergens riolering. Wel liep er langs de huizen een viezig stroompje water naar het laagste punt in het kamp. Dat hebben we overigens niet gezien. Soweto ligt in een soort vallei. Met dus de rijkste mensen het hoogst. We werden nergens raar aangekeken, er werd niet gebedeld. Toen we weer in de auto stapten werd ons op het hart gedrukt dat we geen medelijden met hen moesten hebben, wel mochten we vertellen over wat we gezien hadden. Bij deze !

Op zaterdag is het heel druk: dan vinden alle begrafenissen plaats. Er moet dan door iedereen bijgedragen worden in de onkosten. Al is het maar een cent. Van overal komen familieleden en kennissen want iedereen moet de dode eer bewijzen. We zagen ergens voor een huis een partytent, wat er op wees dat er morgen iets groots stond te gebeuren. En ja hoor: daar lag aan een hek een grote koe, die morgen opgepeuzeld zou worden door de honderden begrafenisgangers, die met bussenvol voorgereden worden.

De medische zorg is gratis voor werklozen, niet voor illegalen natuurlijk en zeker niet voor invalide illegalen, die worden soms gedumpt door een soort pooiers om te bedelen bij de stoplichten. Die avond moeten ze de opbrengst van die dag dan afdragen. Bij de zogeheten Robots (stoplichten) is er inderdaad altijd wat te beleven: of je krijgt een folder ( liefst twee, want dan zijn ze eerder op en heeft de gever dus eerder een paar cent verdiend) , of er worden zonnebrillen en petjes of sinaasappelen aangeboden te koop, of je kan snel je ruiten laten wassen of nog meer. Andere mensen proberen het hoofd boven water te houden door als taxichauffeur vastgestelde routes te rijden. Het busstation van deze busjes waar officieel 14 mensen in vervoerd mogen worden was wel een kilometer lang. O wee als iemand van de route zou afwijken en passagiers op zou pikken van een andere route: dan was het taxioorlog en dan was je er geweest! Dan ineens is er veel geweld en moord en doodslag.

Terwijl we nog stil in de auto bij zaten te komen van alle ervaringen tijdens ons bezoek reed de auto ons naar het FREEDOM Square, waar een open toren was met een kruis in het open dak waardoor op de wand een kruisteken ontstond. Hier waren de 10 geboden voor Zuid Afrika in een grote ronde steen gebeiteld. Helaas was er nergens een afbeelding van te krijgen. Het waren de door Nelson Mandela opgestelde rechten voor iedereen. Indrukwekkend! Tegenover het plein was een grote ruimte waar kippen levend verkocht werden. Waren ze tenminste vers als ze bereid werden ! Want koeling is eigenlijk nergens te vinden ( geen stroom !) Ook zaten er overal vrouwen met op de grond sinaasappels uitgestald en tomaten en enkele groenten. Net als in Mozambique.

Een bezoek aan het Hector Peterson museum, volgend punt op onze tour door Johannesburg, herinnerde ons aan de zinloze moord op een 13-jarige schooljongen die meedeed aan een vreedzame mars van duizenden jongere in Soweto tegen de dreigende verplichting het Afrikaans als officiële taal in te stellen. In alle townships is er in heel Afrika geprotesteerd en deze overmacht aan protesten is uiteindelijk het begin geweest van de afschaffing van de apartheid.

We gingen eten in een restaurant waar ook andere blanken door touroperators werden heengereden, met zeer eenvoudige en smakelijk Afrikaanse gerechten. Op de terugweg reden we door de straat die twee nobel prijswinnaars had gehuisvest: bisschop Desmond Tutu en Nelson Mandela. Het was er erg toeristisch geworden en we reden vlug verder.

Laatste onderdeel op ons programma was een bezoek aan het Apartheidsmuseum, waar we onmiddellijk bij binnenkomst opgesplitst werden ( volgens entreekaartje) en of de ingang voor blanken moesten benutten of de ingang voor non-Europeans. (!) Zo ervoeren we aan den lijve een klein stukje van de apartheid, die, zoals ik las, alleen nog maar in een museum thuishoort! Uit die tijd stamt ook een affiche waarop stond: vroeger hadden wij het land en jullie de bijbel, nu hebben wij de bijbel en jullie het land. Hoe waar!

SIC!!! Anno 1960!

We zagen eerst een Mandela tentoonstelling, en later ook de auto zoals die na de rellen rondgereden had door Soweto. En de isoleercellen waar mensen zonder contact met wie dan ook tot 540 dagen opgesloten werden. Een kale kleine ruimte met niets anders dan de bijbel en met hopelijk in die tijd nog een emmer voor de dagelijkse behoeften. Schamel licht door een spleet in het hoge plafond.

En dat omdat God het zo gewild zou hebben ( 1960 !!) dat blanken en zwarten wel naast elkaar mochten leven, als goede buren, maar toch geenszins gelijke rechten hadden. Ze mochten zelfs als ze bediende waren en zelfs als ze als kindermeisjes werkten voor blanke kinderen ( die ze de hele dag rondsjouwden op hun rug, net als de Afrikaanse kinderen) NIET in het zelfde huis als de blanke families wonen. Wel buiten, in de tuin, in een soort groot hondehok. http://www.cityspotters.com/zuid_afrika/johannesburg/apartheid_museum.html

Even tot zo ver, we moeten op pad voor het jaarlijkse Nationale Suzuki concert, op zaterdag 14 augustus, vlak voor ons vertrek naar Schiphol, 24 uur voor het boulevard concert, morgen in Scheveningen …

De hele dag generale repetities, en ook met de gypsymuziek van herr Schäfer, die ook hier veel enthousiaste reactie oproept van de kinderen die vol overgave spelen en hun verbaasde ( hoe is dat nu mogelijk om zo echt en zo heel anders muziek te kunnen maken met heel erge beginners?)ouders, nu ook met kinderen uit Kaapstad en Durban. Zij kwamen hierheen gevlogen!

De kinderen speelden tegen het eind van het concert het ietwat voor blanken omstreden volkslied. En een paar Afrikaanse stukken, die Sofia wel mooi vond. Ik had met alle kinderen de Oekraïense dans in gestudeerd. Aan het eind mocht ik Kortjakje doen, maar ik mocht niet op de grond gaan liggen van de juffen, want dan braken er volgens hen geheid een heleboel violen. Enfin, als gast gedraag je je natuurlijk. Wel nam ik alle 200 kinderen mee: een drietreeds trappetje af, de concertzaal uit, en via de foyer aan de andere kant er weer in, trappetje aan de andere kant van het podium weer op, en sloot zo het concert op de Nederlandse/Haagse wijze af.. de camera man die de DVD ( ter ere van het 10 jarig bestaan van Suzuki onderwijs in Zuid Afrika ) maakt, filmde heel handig alle kinderen toen die, al spelend weer terug de zaal in liepen. Ik denk dat het een heel leuk einde zal zijn van de DVD, bij de aftiteling of zo…

Aan het eind van het concert overhandigde ik aan de kinderen de DVD speler en de twee films plus de 2e viool van de firma Bouman waarop ik tot dan had gespeeld. Veel kinderen speelden toen al op de schoudersteunen van de andere vioolbouwer in Den Haag, Uli Schnorr, die ook vele setjes snaren meegegeven had. En de viool die Katharina tegen alleen materiaal kosten had gerepareerd was inmiddels ook al in nieuwe handen gekomen J

En het was plezierig te horen uit de mond van de Juf, Betsie, dat de meeste kinderen het notenlezen hadden geleerd en zelf nu liedjes aan het uitvogelen waren J

Heerlijk om na de lange reis weer thuis te zijn en met mijn eigen leerlingen de kop van het nieuwe jaar op Scheveningen er weer van af te bijten. En weer les te geven aan kinderen MET ouders…

Al met al een indrukwekkende alternatieve vakantie! Als we hard sparen kunnen we over een aantal jaren misschien weer terug, of een Suzuki-docent in een ander land helpen, waar Suzuki net begint te lopen?

Stieneke Voorhoeve-Poot

17 Augustus 2010

PS: ik kreeg net, een week later, een Email van juf Betsie dat de kinderen van het weeshuis het plan hebben opgevat binnenkort een fund raising concert te houden om de tickets van Godelieve en ondergetekende bij elkaar te krijgen, en of we dan PLEASE volgende zomer weer willen komen lesgeven? Dan geen notenlezen natuurlijk, maar al die andere leuke dingen die je met Suzuki leerlingen kan doen.

Want wat heb ik toch veel leuke dingen mogen leren tijdens al die internationale Suzuki conventies die er over de hele wereld steeds weer gehouden worden. Langzamerhand behoor ik tot de oude garde die zelf les had van Dr Suzuki…

Dus, eh, volgende zomer een workshop van een dikke week met heel veel spelletjes waar de kinderen heel veel van leren??? Enfin, eerst deze ervaringen maar eens laten bezinken…

 

 

 

Vanwege het contact dat onze Peter opbouwde door er regelmatig met zijn klanten heen te gaan, kregen we op onze tour ook het beste bier ter wereld aangeboden, en mochten in het café aanschuiven: een met golfplaten en spiraalbedden afgezette ruimte van 2 bij 3 meter voor een hutje. Er worden doorgaans alleen mannen toegelaten, uit respect voor de privacy voor de man. (!?) We kregen fluks kranten aangereikt die we voor onze voeten moesten leggen en waarop we vervolgens moesten knielen om de kalebas vol schuimend vocht in ontvangst te nemen. De gids van het kamp, Thulani, deed voor hoe het moest: aan je lippen zetten en drinken. Het smaakte naar zeer bittere alcohol – Godelieve die wel eens eerder bier gedronken had vond het echt niets met bier te maken hebben.

 

Vervolgens werden we langs een houten hutje geleid waar net eten opgedaan werd voor alle, in een speciaal naschools programma voor 350 kinderen, betrokken personen. De leiders ervan hebben zelf de 12e klas hebben gehaald en dus een schooldiploma op zak, maar toen ze hun neus buiten Soweto staken, merkten ze dat hun leeftijdsgenoten het hadden over studeren en een PH.D (promoveren). Om andere kinderen meer kansen te geven helpen ze hen nu met huiswerk maken en organiseren. Er is een bibliotheek ( we gaan hen Engels boeken voor de leeftijd 4 tot 40 sturen als we thuis zijn !) en een ontbijt voordat de kinderen op weg naar school gaan om half 7 en als ze thuis komen rond half 3. Leiders en kinderen eten hetzelfde om de eenheid te benadrukken: het zou toch raar zijn als zij wel een groter of beter/gevarieerder bord eten zouden hebben? Dit keer was elk plastic bord gevuld met een flinke portie rijst met een gele saus en een stukje snoek. Het werd met graagte opgegeten!

 

Ook was er door een spaarbank een echt klein klaslokaal gedoneerd met bankje en stoelen. Daar zaten nu oma’s te haken aan spreien. Ook zij kregen (ander) eten. Ze waren net aan het opruimen om plaats te maken voor de thuiskomende kinderen, die dan hier huiswerk hulp krijgen van de leiders. In een ander soort (eveneens door een bedrijf gedoneerd) lokaal stond een kastje met gewonnen bekers, een tafel en stoel, en foto’s langs de houten wanden en kranten artikeltjes over het programma. Er werd snel een computer gehaald die met de hand opgeladen kan worden ( we hadden er in Nederland in de krant over gelezen, een geweldige vinding! ) en er was door een rijker iemand uit Soweto voor 5 jaar een wireless ontvangst in heel Soweto (of alleen in dit deel?) gesponsord.

 

Ergens anders was een kraan waar een aantal vrouwen met ( net zoals ik me van mijn moeder herinner) borstel de was stonden te doen. Overal hing was te drogen, blinkend schoon. Ergens zagen we een paar jonge blanke, bij navraag Duitse meisjes zitten eten( er waren dus nog meer blanken in Soweto! J) ; die waren er een half jaar om zich met de hygiëne bezig te houden. Er was nergens riolering. Wel liep er langs de huizen een viezig stroompje water naar het laagste punt in het kamp. Dat hebben we overigens niet gezien. Soweto ligt in een soort vallei. Met dus de rijkste mensen het hoogst. We werden nergens raar aangekeken, er werd niet gebedeld. Toen we weer in de auto stapten werd ons op het hart gedrukt dat we geen medelijden met hen moesten hebben, wel mochten we vertellen over wat we gezien hadden. Bij deze !

 

Op zaterdag is het heel druk: dan vinden alle begrafenissen plaats. Er moet dan door iedereen bijgedragen worden in de onkosten. Al is het maar een cent. Van overal komen familieleden en kennissen want iedereen moet de dode eer bewijzen. We zagen ergens voor een huis een partytent, wat er op wees dat er morgen iets groots stond te gebeuren. En ja hoor: daar lag aan een hek een grote koe, die morgen opgepeuzeld zou worden door de honderden begrafenisgangers, die met bussenvol voorgereden worden.

 

De medische zorg is gratis voor werklozen, niet voor illegalen natuurlijk en zeker niet voor invalide illegalen, die worden soms gedumpt door een soort pooiers om te bedelen bij de stoplichten. Die avond moeten ze de opbrengst van die dag dan afdragen. Bij de zogeheten Robots (stoplichten) is er inderdaad altijd wat te beleven: of je krijgt een folder ( liefst twee, want dan zijn ze eerder op en heeft de gever dus eerder een paar cent verdiend) , of er worden zonnebrillen en petjes of sinaasappelen aangeboden te koop, of je kan snel je ruiten laten wassen of nog meer. Andere mensen proberen het hoofd boven water te houden door als taxichauffeur vastgestelde routes te rijden. Het busstation van deze busjes waar officieel 14 mensen in vervoerd mogen worden was wel een kilometer lang. O wee als iemand van de route zou afwijken en passagiers op zou pikken van een andere route: dan was het taxioorlog en dan was je er geweest! Dan ineens is er veel geweld en moord en doodslag.

 

Terwijl we nog stil in de auto bij zaten te komen van alle ervaringen tijdens ons bezoek reed de auto ons naar het FREEDOM Square, waar een open toren was met een kruis in het open dak waardoor op de wand een kruisteken ontstond. Hier waren de 10 geboden voor Zuid Afrika in een grote ronde steen gebeiteld. Helaas was er nergens een afbeelding van te krijgen. Het waren de door Nelson Mandela opgestelde rechten voor iedereen. Indrukwekkend! Tegenover het plein was een grote ruimte waar kippen levend verkocht werden. Waren ze tenminste vers als ze bereid werden ! Want koeling is eigenlijk nergens te vinden ( geen stroom !) Ook zaten er overal vrouwen met op de grond sinaasappels uitgestald en tomaten en enkele groenten. Net als in Mozambique.

 

Een bezoek aan het Hector Peterson museum, volgend punt op onze tour door Johannesburg, herinnerde ons aan de zinloze moord op een 13-jarige schooljongen die meedeed aan een vreedzame mars van duizenden jongere in Soweto tegen de dreigende verplichting het Afrikaans als officiële taal in te stellen. In alle townships is er in heel Afrika geprotesteerd en deze overmacht aan protesten is uiteindelijk het begin geweest van de afschaffing van de apartheid.

We gingen eten in een restaurant waar ook andere blanken door touroperators werden heengereden, met zeer eenvoudige en smakelijk Afrikaanse gerechten. Op de terugweg reden we door de straat die twee nobel prijswinnaars had gehuisvest: bisschop Desmond Tutu en Nelson Mandela. Het was er erg toeristisch geworden en we reden vlug verder.

 

Laatste onderdeel op ons programma was een bezoek aan het Apartheidsmuseum, waar we onmiddellijk bij binnenkomst opgesplitst werden ( volgens entreekaartje) en of de ingang voor blanken moesten benutten of de ingang voor non-Europeans. (!) Zo ervoeren we aan den lijve een klein stukje van de apartheid, die, zoals ik las, alleen nog maar in een museum thuishoort! Uit die tijd stamt ook een affiche waarop stond: vroeger hadden wij het land en jullie de bijbel, nu hebben wij de bijbel en jullie het land. Hoe waar!

 

SIC!!! Anno 1960!

We zagen eerst een Mandela tentoonstelling, en later ook de auto zoals die na de rellen rondgereden had door Soweto. En de isoleercellen waar mensen zonder contact met wie dan ook tot 540 dagen opgesloten werden. Een kale kleine ruimte met niets anders dan de bijbel en met hopelijk in die tijd nog een emmer voor de dagelijkse behoeften. Schamel licht door een spleet in het hoge plafond.

En dat omdat God het zo gewild zou hebben ( 1960 !!) dat blanken en zwarten wel naast elkaar mochten leven, als goede buren, maar toch geenszins gelijke rechten hadden. Ze mochten zelfs als ze bediende waren en zelfs als ze als kindermeisjes werkten voor blanke kinderen ( die ze de hele dag rondsjouwden op hun rug, net als de Afrikaanse kinderen) NIET in het zelfde huis als de blanke families wonen. Wel buiten, in de tuin, in een soort groot hondehok. http://www.cityspotters.com/zuid_afrika/johannesburg/apartheid_museum.html

 

Even tot zo ver, we moeten op pad voor het jaarlijkse Nationale Suzuki concert, op zaterdag 14 augustus, vlak voor ons vertrek naar Schiphol, 24 uur voor het boulevard concert, morgen in Scheveningen …

De hele dag generale repetities, en ook met de gypsymuziek van herr Schäfer, die ook hier veel enthousiaste reactie oproept van de kinderen die vol overgave spelen en hun verbaasde ( hoe is dat nu mogelijk om zo echt en zo heel anders muziek te kunnen maken met heel erge beginners?)ouders, nu ook met kinderen uit Kaapstad en Durban. Zij kwamen hierheen gevlogen!

 

De kinderen speelden tegen het eind van het concert het ietwat voor blanken omstreden volkslied. En een paar Afrikaanse stukken, die Sofia wel mooi vond. Ik had met alle kinderen de Oekraïense dans in gestudeerd. Aan het eind mocht ik Kortjakje doen, maar ik mocht niet op de grond gaan liggen van de juffen, want dan braken er volgens hen geheid een heleboel violen. Enfin, als gast gedraag je je natuurlijk. Wel nam ik alle 200 kinderen mee: een drietreeds trappetje af, de concertzaal uit, en via de foyer aan de andere kant er weer in, trappetje aan de andere kant van het podium weer op, en sloot zo het concert op de Nederlandse/Haagse wijze af.. de camera man die de DVD ( ter ere van het 10 jarig bestaan van Suzuki onderwijs in Zuid Afrika ) maakt, filmde heel handig alle kinderen toen die, al spelend weer terug de zaal in liepen. Ik denk dat het een heel leuk einde zal zijn van de DVD, bij de aftiteling of zo…

 

Aan het eind van het concert overhandigde ik aan de kinderen de DVD speler en de twee films plus de 2e viool van de firma Bouman waarop ik tot dan had gespeeld. Veel kinderen speelden toen al op de schoudersteunen van de andere vioolbouwer in Den Haag, Uli Schnorr, die ook vele setjes snaren meegegeven had. En de viool die Katharina tegen alleen materiaal kosten had gerepareerd was inmiddels ook al in nieuwe handen gekomen J

En het was plezierig te horen uit de mond van de Juf, Betsy, dat de meeste kinderen het notenlezen hadden geleerd en zelf nu liedjes aan het uitvogelen waren J

 

Heerlijk om na de lange reis weer thuis te zijn en met mijn eigen leerlingen de kop van het nieuwe jaar op Scheveningen er weer van af te bijten. En weer les te geven aan kinderen MET ouders…

 

Al met al een indrukwekkende alternatieve vakantie! Als we hard sparen kunnen we over een aantal jaren misschien weer terug, of een Suzuki-docent in een ander land helpen, waar Suzuki net begint te lopen?

 

 

Stieneke Voorhoeve-Poot

17 Augustus 2010

 

PS: ik kreeg net, een week later, een Email van juf Betsie dat de kinderen van het weeshuis het plan hebben opgevat binnenkort een fund raising concert te houden om de tickets van Godelieve en ondergetekende bij elkaar te krijgen, en of we dan PLEASE volgende zomer weer willen komen lesgeven? Dan geen notenlezen natuurlijk, maar al die andere leuke dingen die je met Suzuki leerlingen kan doen.

 

Want wat heb ik toch veel leuke dingen mogen leren tijdens al die internationale Suzuki conventies die er over de hele wereld steeds weer gehouden worden. Langzamerhand behoor ik tot de oude garde die zelf les had van Dr Suzuki…

 

Dus, eh, volgende zomer een workshop van een dikke week met heel veel spelletjes waar de kinderen heel veel van leren??? Enfin, eerst deze ervaringen maar eens laten bezinken…